Defrost is normaal — bij vochtig weer rond 0–5 °C buitentemperatuur ontstaat rijp op de verdamper. De warmtepomp draait dan kort om om de rijp te smelten. U hoort vaak een kort sissend geluid en mogelijk damp uit de unit. Per cyclus duurt dit typisch 5–10 minuten.
1. Waarom defrost überhaupt nodig is
Een lucht/water-warmtepomp haalt warmte uit buitenlucht via de verdamper — een ribbenpakket waarin het koudemiddel verdampt. Bij dat proces zakt de oppervlaktetemperatuur van de verdamper 10–15 °C onder de buitenlucht-temperatuur. Bij buitentemperaturen tussen ongeveer -5 °C en +7 °C combineren twee factoren ongunstig: er zit absoluut de meeste waterdamp in de lucht (KNMI klimaatstatistieken De Bilt 1991–2020), én de verdamperoppervlak komt onder het vriespunt. Resultaat: de waterdamp condenseert direct als rijp op de ribben.
Een dunne rijplaag is geen probleem — sterker, hij verbetert het warmte-overdracht de eerste paar minuten. Maar zodra de laag dik wordt, isoleert hij de lucht van het koudemiddel en zakt de COP. De warmtepomp moet de rijp kwijt zien te raken.
2. Wanneer treedt defrost op?
Moderne Daikin-units detecteren rijpvorming via twee sensoren: de verdamper-oppervlaktetemperatuur en het drukverschil over de verdamper (koudemiddeldruk-sensor). Als één van beide buiten de drempel komt, start de cyclus. In de praktijk:
- Buitentemperatuur 0–5 °C, vochtig: 1 defrost per 30–90 minuten
- Buitentemperatuur -5 tot 0 °C, droog: 1 defrost per 2–4 uur
- Onder -10 °C: weinig tot geen defrost (lucht bevat te weinig vocht)
- Boven +7 °C: geen defrost nodig (verdamper blijft boven vriespunt)
Cijfers indicatief — exacte intervallen worden niet als generieke spec gepubliceerd door Daikin en hangen af van vocht, vermogen-vraag en installatie-omgeving.
3. Wat u hoort en ziet (damp, sissen, ventilator-piek)
De cyclus zelf draait omgekeerd: het 4-weg-omkeerventiel klapt om en de unit wordt tijdelijk een airco. Warm koudemiddel stroomt naar de verdamper, de rijp smelt, de ventilator stopt om het smelten te versnellen. Dit is wat u waarneemt:
- Kort sissend geluid (1–3 seconden): het 4-weg-omkeerventiel schakelt — koudemiddel onder druk verandert van richting.
- Ventilator stopt: u hoort de typische luchtstroom niet meer. Dit is een sterk signaal dat een defrost loopt.
- Witte damp uit de unit: smeltwater verdampt door de warmte — geen rookontwikkeling, geen storing.
- Korte ventilator-piek aan het eind: na de cyclus draait de ventilator even op hoger toerental om de verdamper droog te blazen.
- Aanvoertemperatuur dipt: tijdens defrost daalt uw cv-aanvoer tijdelijk 2–5 °C — bij goed inregelde stooklijn nauwelijks merkbaar in de woning omdat vloerverwarming traag reageert.
Het geluidsniveau tijdens defrost ligt onder het normale werkingsniveau, niet boven, omdat de ventilator stilstaat. De Altherma 4 H levert ~35 dB(A) op 3 m in normale werking (Daikin NL 2026-catalogus p.111+113); tijdens defrost zijn alleen de stille koudemiddelstromingen hoorbaar.
4. Effect op SCOP en jaarverbruik
Defrost kost energie — twee keer:
- De cyclus zelf onttrekt warmte aan uw cv-water om de rijp te smelten. Bij een 8 kW unit is dat ~0,3–0,6 kWh per defrost (5–10 min × 4 kW).
- Compressor-stop-en-start belasting: elke aan/uit-cyclus kost extra inschakelstroom; relevanter is dit bij een te grote pomp die ook tussen defrosts cyclet (zie onze inverter-modulatie en deellast analyse).
EN 14825:2022 verwerkt defrost-verliezen al in de gepubliceerde SCOP via het Cd-correctiefactor op meetpunten B (+2 °C) en C (+7 °C) — de zone waar defrost het meest voorkomt. U koopt dus geen SCOP zonder defrost-impact; het zit erin verdisconteerd. Wat u thuis meet (de SPF, Seasonal Performance Factor) ligt typisch 5–10 % onder de label-SCOP, waarvan defrost-cycli ongeveer de helft uitmaken; de rest is inregeling, stooklijn en boilertemperatuur.
Voor de Altherma 4 H 8 kW (SCOP 5,15 bij 35 °C; Daikin NL 2026-catalogus p.111; lib/products/specs.ts ALTHERMA_4H_CAPACITY_META) leidt dat tot een praktijk-SPF rond 4,7–4,9. Diepere uitleg over rendement-meetnormen in onze SCOP & COP uitleg.
5. Wat is normaal, wat niet?
Normaal:
- 1× per 30–90 min defrost bij vochtig weer rond 0–5 °C
- 5–10 minuten per cyclus
- Kort sissen, ventilator stopt, witte damp
- 2–5 °C dip in cv-aanvoer tijdens cyclus
- Plas onder de unit (smeltwater dat afloopt)
Niet normaal — bel uw installateur:
- Defrost duurt >15 minuten
- Defrost >1× per 20 minuten bij stabiele buitentemperatuur
- IJslaag onderaan de unit (verstopte condensafvoer)
- Defrosts boven +8 °C of onder -10 °C zonder zichtbare rijp
- Continu sissend geluid (niet kort) — mogelijk lekkage
- Geen warmte meer in huis na de cyclus (compressor herstart faalt)
Voor de algemene werking van een warmtepomp en de rol van het 4-weg-omkeerventiel, zie hoe werkt een warmtepomp.
Veelgestelde vragen
In de Nederlandse winter typisch 1× per 30–90 minuten bij vochtig weer rond 0–5 °C buitentemperatuur — de KNMI-zone waarin Nederland het grootste deel van het stookseizoen zit (KNMI klimaatstatistieken De Bilt 1991–2020). Bij droge vorst (<-5 °C) of mildere temperaturen (>7 °C) komt rijpvorming nauwelijks voor en defrosts blijven uit. Per cyclus duurt het smelten typisch 5–10 minuten.
Een kort sissend geluid wanneer het 4-weg-omkeerventiel de koudemiddelstroom omdraait, gevolgd door stilte van de ventilator (die stopt) terwijl het binnendeel hoorbaar blijft circuleren. Aan het einde van de cyclus start de ventilator weer met een korte piek. Sediq's checklist: dit is normaal en duurt 5–10 minuten. Een continu draaiende ventilator tijdens defrost wijst op een fout.
Tijdens defrost smelt rijp op de verdamper en verdampt het smeltwater door de warmte die het systeem tijdelijk omkeert. Dat geeft zichtbare witte damp uit het buitendeel — vooral op koude vochtige ochtenden. Dit is geen rookontwikkeling en geen storing.
EN 14825 verwerkt defrost-verliezen al in de gepubliceerde SCOP via het Cd-correctiefactor (degradation coefficient) op meetpunt B (+2 °C) en C (+7 °C). De praktijk-SPF (uw werkelijk gemeten rendement) ligt typisch 5–10 % onder de SCOP-waarde, waarvan defrost-cycli ongeveer de helft uitmaken. Voor een Altherma 4 H 8 kW met SCOP 5,15 betekent dat een praktijk-SPF rond 4,7–4,9 (lib/products/specs.ts ALTHERMA_4H_CAPACITY_META; EN 14825:2022 Annex B).
Ja. De Altherma 4 H heeft een gepubliceerd werkingsbereik van -28 °C tot +25 °C buitentemperatuur (lib/products/specs.ts operatingRangeC; Daikin NL 2026-catalogus p.112) en defrost is geïntegreerd in de besturing. Onder -7 °C neemt de rijpvorming juist af omdat de absolute luchtvochtigheid daalt — defrosts worden minder frequent. Bij extreme kou kan het backup-element bijspringen om de aanvoertemperatuur tijdens defrost op peil te houden.
Drie signalen waarbij u uw installateur moet bellen: (1) defrosts duren systematisch langer dan 15 minuten; (2) defrosts treden op bij temperaturen boven 8 °C of onder -10 °C zonder zichtbare rijpvorming; (3) er vormt zich een ijslaag onderaan de buitenunit (water dat niet wegloopt door verstopte condensafvoer). Een correct geïnstalleerde Altherma 4 H mag op een trottoir-tegel met afschot staan zodat smeltwater wegloopt.
Auteur
WarmtepompKopen.nl Team — Daikin gecertificeerd installateur en BRL 6000-25 erkend.
Bronnen & referenties
- [1] Daikin NL 2026-catalogus p.111+113 — SCOP en geluidsniveau Altherma 4 H
- [2] Daikin NL 2026-catalogus p.112 — werkingsbereik -28 °C tot +25 °C
- [3]
lib/products/specs.tsALTHERMA_4H_CAPACITY_META — operatingRangeC, SCOP per capaciteit - [4] EN 14825:2022 Annex B — Cd-correctiefactor voor defrost-verliezen op meetpunt B/C
- [5] KNMI klimaatstatistieken De Bilt 1991–2020 — vochtigheidsverdeling in 0–5 °C zone
Laatst bijgewerkt: 7 mei 2026.